Maandag 8 oktober: Ode aan Ludo Deesmans in tijden van oorlog (deel I)

Lui. Luier. Luitjes, de nieuwe trappen van vergelijking. Lap. Laten we het zo zeggen. Het is oorlog. Of, nee, het lijkt alsof de midden-wereld aan het ontploffen is. Zoveel hebben wij toch opgestoken van de site van Radio 1. In de Australische kranten wordt ook wel gewag gemaakt van het nakende gevaar, van het feit dat er iets gebeurt, maar niet met heel veel woorden. Het is nogal ver van hun bed, en we vermoeden dat de gemiddelde outback-hillybilly niet echt begaan is met het lot van de wereld. Als de outback maar onbevolkt blijft en George Mate Bloke Hilbilly stieren kan vangen met zijn ute. Dan is de orde niet verstoord. Enfin, het grote nieuws hier is dat de vluchtelingen - die arme drommels op het schip - tot actie zijn overgegaan. En wat voor één. Omdat niemand wil luisteren naar hun grieven, of weet (wil weten) wat er aan de hand is, heeft een handvol vluchtelingen hun kinderen overboord gegooid. Het ruime sop in. Daar zullen ze wel aandacht voor hebben! En inderdaad, de kranten staan er ook vol van. Het is me wat in deze contreien. Daar waar we thuis elke dag met ons vege lijf in het nieuws worden ondergedompeld, blijft het hier nouvellekes zoeken. Tja, Australië ligt echt wel afgezonderd, heeft nooit moeilijkheden gehad met de rest van de wereld, heeft eigenlijk niets te zeggen in de wereldpolitiek, dus waarom zouden ze wakker liggen van wat duizenden kilometers verder aan de hand is. Zij niet. Wij wel. Om het eens over het thuisfront te hebben: ik denk wel dat we nu officieel kunnen bevestigen dat ons aller Deesmans, Ludo, vermist is, en wellicht zijn negende leven in zijn kattenbestaan heeft opgeofferd om in het poezenparadijs zijn zaad te gaan verschieten; droefheid alom. Of het moet zijn dat de heer Deesmans ergens in een kattenopvangtehuis zit. Misschien dat de Asylanten thuis eens moeten polsen, want wij zien den Dees eigenlijk wel graag. Je weet nooit. Sas blijft hopen. Bon, terug naar Adelaide. We zitten er nog steeds. Tien dagen al, maar morgen gaat het richting Uluru. In een paar dagen door de outback om onze mates Peter en Cor tegen het lijf te lopen en samen de pracht van Ayers Rock te gaan bewonderen, en meer van dat fraais. The Great Barrier Reef (het grootste levende organisme op deze planeet) ligt nu al in al zijn kleurrijke pracht op ons te wachten. Dat wordt wat. Na Isabella - nog steeds, en misschien zelfs al een stukje meer, La Issa Bonita - weer wat thuisfront-kikkers. Leuk heeft nog nooit zoveel diepgang gehad. Natuurlijk was de reistijd met Isabel echt wel fenomenaal goed. Ze heeft hier de harten van zowat alle Australische bushbackers op hol doen slaan. Met haar zwarte krullen en oprechte glimlach heeft ze tal van blokes van hun barkrukken doen vallen. Of het moet zijn dat ze allemaal stiepel liepen, iets dat hier vaker gebeurt. Wij houden het echter bij de charmes. Dus, als ze binnenkort voor een jaar of dertig naar Aussie verkast, schrik niet. Nu moet ook gezegd dat mevrouw Jacobs binnenkort open keuken zal houden. Ze heeft hier duizend-en-één potjes met kruiden en sausjes gekocht. Van "horseradish with mushroom" tot salsaparilla met pijnboompitten. Dat worden geurige gangen daar in Gent. Jaja, een goede indruk nagelaten, zoveel is zeker. Het afscheid was dan natuurlijk minder leuk. Van Issa, maar ook van Ozzie Erik Dutchie en Londonthang Sasha. Je maakt in een korte tijd toch vrienden, me dunkt en het is steeds een beetje droevig mensen naar andere oorden te zien vertrekken. Gelukkig moesten wij niet op het vliegtuig naar huis, want dat is - geloof ons vrij - niet echt een lachertje. La Bonita heeft zo maar eventjes 48 uur gereisd. Aan één stuk door. Waauw. Wij lagen ondertussen ergens lekker te maffen, dromen aan het uitwerken die we later weer kunnen najagen. Zoals een tweede bezoek aan Aussie. Zit er toch wel zeker in. Vrienden, luisterend naar de naam Nathalie en DT, verhuizen binnenkort naar Adelaide, dus dat opent perspectieven. Er blijft nog zoveel onontgonnen gebied over. We hebben zelfs logies aangeboden gekregen van ShamSam, een Engelse Expat die we in Varkala (toch ook al acht maanden geleden) kortstondig mochten meemaken. Fijn toch. We hebben hier ook niet stilgezeten. Of wel, of allebei. Adelaide, het was een beetje als thuis zitten. Wat dingen regelen, stukken schrijven, mails beantwoorden en wat getelefoneer en zoeken naar boeiende onderwerpen om verslag uit te brengen. Flying Doctors en Neighbours. Jahaaaa. Dat zit er toch wel in. Niet dat we plots totaal in de soaps gesprongen zijn, maar als we de kans krijgen iets extra's te verdienen (want geloof me, het lijkt wel alsof we een gat in ons hand hebben. Eén dat we zelf niet zien) dan zullen we het niet laten. Mooie dingen gezien, al viel het weer hier echt wel tegen. Regen, oude wijven - zoals ik al zei - en stront. Koud ook dat nog, en de lente zou hier begonnen zijn. Niet dus. We hebben er alleszins niets van gemerkt toen we Cleveland National Park gingen bezoeken. Op zoek naar koala's en andere fraaie beestjes. In de regen en de drup. Minder leuk, maar the outcome was pretty cool. Onder het alziende oog van de kleurrijkste vogels ooit, mocht La Sas een koala vasthouden, en liet ze haar fotootje nemen. Binnenkort staat die wel ergens op het net. Ze ging er zo in op dat er twaalf man voor nodig was de koala uit haar handen te halen. Verknocht kreeg op dat moment een totaal nieuwe betekenis. Het zijn echt wel maffe beestjes: slapen het grootste deel van de tijd, en als ze wakker worden vreten ze zich een indigestie aan Eucalyptus. Wat een leven.

Lees verder voor deel II.

Terug naar de homepage van de Wereldreizigersclub.

© Alle teksten en foto's copyright Saskia en Sven 2000-2001.