Reisverhaal Costa Rica

Zondag 27 januari

Via m’n koptelefoon net een kerstmedley gehoord en net een kerstfilm gezien. Bij Martinair lopen ze nog een beetje achter. Niet verwonderlijk, zo merk ik nu ik al zo’n negen uur in het vliegtuig zit. De service bij Martinair is – na één dag al – niet iets om over naar huis te schrijven. Zo moet je tegenwoordig betalen voor je koptelefoon, vijf dollar maar liefst, en is het sinds 11 september vorig jaar beleid om bijna geen alcohol meer te schenken. Een paar glazen wijn zou mensen alleen maar agressief maken en dan gaan ze misschien rare dingen uithalen. Ook krijg je tegenwoordig geen metalen mes meer, maar een plastic stokje met een kartelrandje. Je krijgt nog wél een metalen lepel en een metalen vork, die nog best scherpe punten heeft.

Nog een uur, dan landen we in Miami (als alles goed gaat, het vliegtuig begint nu opeens flink te schudden). Daar moet ik even uitstappen en vervolgens weer in hetzelfde Martinair-toestel stappen, op weg naar San José in Costa Rica. Ja, voor de eerste keer naar Latijns-Amerika. Ik zat al een tijdje te dubben of ik hier naartoe moest gaan. Ik spreek tenslotte helemaal geen Spaans. Maar de ontdekking van weer een nieuw werelddeel en de prachtige natuur die Costa Rica schijnt te hebben, hebben me over de streep gehaald. Ik geloof dat de landing wordt ingezet, terwijl ik Jingle Bells opnieuw in m’n oren hoor klinken….

Wat een gedoe, in Miami! Door de aanslagen op 11 september zijn de veiligheidsmaatregelen tot het belachelijke aan toe verscherpt. We moesten niet alleen uitstappen, maar ook nog eens door de paspoortcontrole en de bagage van de band halen en door customs loodsen. ‘What is the purpose of your trip to the United States?’, vroeg de immigration officer me streng aankijkend. ‘Ik ga naar Costa Rica’, zei ik onschuldig, waarna ik een stempel in mijn paspoort kreeg waarmee ik 90 dagen in de Verenigde Staten mag blijven. Terwijl ik op m’n rugzak stond te wachten werd mijn handbagage besnuffeld door een klein hondje met een rood kleedje op z’n rug met de tekst ‘Saving American Agriculture’. Tegenwoordig voert Amerika geen war on drugs meer, maar een war on fruit and vegetables, bang als ze zijn dat wij Europeanen allerlei enge ziektes het land binnen brengen.

Eenmaal voorbij alle poortjes begon het gedoe opnieuw. Weer m’n rugzak inchecken, weer door de paspoortcontrole (mijn vakantie in de VS duurde zeven minuten) en weer door talloze metaaldetectorpoortjes met bordjes als ‘Verboden een bom mee te nemen’. Bij de gate konden we met z’n allen meteen weer instappen. Ik ben ruim anderhalf uur in Miami geweest, maar heb alleen gelopen en gewacht op alle formaliteiten.

De vlucht naar San José duurde gelukkig maar tweeënhalf uur, maar was bevolkt door allerlei wakkere Costa Ricanen terwijl bij mij de vermoeidheid begon toe te slaan. Naast me zat een man die alleen maar zat te kreunen en die elke vijf minuten ‘aaaarrghh’ of ‘oocchh’ zei (op het hoogste geluidsvolume). Dus telkens als ik een beetje weg begon te dommelen, schrok ik wakker van een kreet van hem.

Het was al donker toen we in San José landden. Ik zou opgehaald worden door iemand van m’n hotel, maar er stond niemand met een bordje met mijn naam erop. Toen maar een taxi genomen. Er was een hoop oponthoud in het verkeer, heel veel mensen zwaaiden met groen-witte vlaggen en ook uit heel veel toeterende auto’s staken die vlaggen. Uitbundige mensen juichten en joelden langs de straten. Een gewonnen voetbalwedstrijd of zo? Behoorlijk moe kwam ik aan in mijn 5-sterrenhotel dat ik van tevoren had gereserveerd (en dat dus helemaal niet duur is). Ik lag net in bed toen alles licht begon te bewegen en te schudden. Een lichte aardbeving misschien? ‘Niet nu!’, dacht ik, ‘Ik wil slapen!’ en op het ritme van de schuddende aarde onder me viel ik in een diepe slaap.

► Lees verder naar maandag 28 januari.

Nog meer reistips
Filter by
Post Page
Sort by