Dagboek van Afrika

Vertrek: dinsdag 20 januari 1998

Zelden ben ik zo bang om op reis te gaan als nu. Zelden heb ik zoveel waarschuwingen naar mijn hoofd geslingerd gekregen als nu. Zelden had ik zo weinig zin om naar een verre bestemming af te reizen als deze keer. Op weg naar Kenia. Berovingen, overstromingen, ziektes en politieke onrust, alles zal me overkomen als ik in Kenia ben. Hoe haal ik het in mijn hoofd naar Kenia te gaan? Het zit me ook niet mee. Toen ik het vliegticket kocht was er nog niets bekend over hevige regenval en de daaruit voortvloeiende overstromingen en enge ziektes zoals cholera. Er was hier in Nederland evenmin iets bekend van die geheimzinnige, nieuwe dodelijke griep die plotseling in Kenia de kop is opgestoken. Zodra ik mijn vliegticket in handen had, werd mijn reisdoel door rampspoed overheerst. Zelfs de hoofdstad Nairobi zou gedeeltelijk onder water staan. Geen nood, dacht ik, dan reis ik gewoon naar het zuidelijker gelegen Tanzania als ik eenmaal in Nairobi ben gearriveerd. Ik moet sowieso naar Nairobi, mijn ticket laat me geen andere keus. Maar Tanzania is geen haar beter, als ik de verhalen moet geloven. Berovingen, achtervolgingen door bewapende overvallers en arrestaties door politie en leger is wat me te wachten staat. Om deze wapenfeiten zijn ook Kenia’s drukste, meest bezochte, leukste en toeristische plaatsen berucht, juist de plaatsen die ik tijdens mijn bezoek van een maand wil vereren. Ik heb er vannacht al van gedroomd dat ik tot op mijn bot werd beroofd door gewapende overvallers in een safaripark. Terwijl ik om hulp kermde, werd ik getroffen door het geheimzinnige Keniaanse virus, waarna ik badend in het zweet wakker schrok. Ik ga die hele reis afzeggen!, dacht ik. Weg m’n twaalfhonderd gulden voor het vliegticket, maar daar krijg ik mijn veiligheid voor terug. Twaalfhonderd gulden voor mijn veiligheid! Spijt had ik ervan dat ik voor Kenia heb gekozen. Waarom niet gewoon het veilige Amerika? Daar heb je dan wel geen safariparken, wilde beesten en idyllische stranden, maar het is er wél veilig! Ten behoeve van mijn kostbare twaalfhonderd gulden is er echter geen weg meer terug. En zit ik nu dus op het vliegveld van Schiphol te wachten totdat m’n vliegtuig naar Rome vertrekt. Daar blijf ik een nachtje slapen (zat inbegrepen bij mijn vliegticket). Morgen vlieg ik van Rome naar Nairobi. Het is het begin van weer een nieuw avontuur, het grootste avontuur sinds ik ben teruggekeerd van mijn wereldreis. En weer alleen, dus dubbel zo gevaarlijk. Wie is er dan ook zo gek om met mij naar Kenia te gaan, dat gevaarlijke land in zuidelijk Afrika?

Lees verder naar woensdag 21 januari.

Nog meer reistips
Filter by
Post Page
Sort by