Dagboek van Maleisië

Vrijdag 2 april

Inderdaad ben ik van hut verwisseld vanochtend. Het is niet alleen dat ik niet van enge beesten in mijn slaapkamer hou, maar ik heb ook nog zoveel ringgits op zak dat het me waarschijnlijk moeite kost om die allemaal uit te geven. Maleisië is zo goedkoop, dat ik me enige luxe nu wel kan veroorloven. Mijn hut heeft nu de grootte van een balzaal, waar alleen eenzaam één bed in staat. Ik begin al een soort dagritme te ontwikkelen voor het leven in dit tropische paradijs. Eerst lekker uitgebreid ontbijten, dan wat aanklooien met de inhoud van mijn rugzak en daarna is het tijd voor een duik in de zee. Ik kan de hitte (en de golven) vandaag al beter trotseren dan gisteren, wat wederom inhield dat ik hier en daar licht ben verbrand. Na de beproeving met het zoute water is het tijd voor de rustperiode: een beetje wegdutten in de schaduw met een kokosnootmilkshake en af en toe een paar bladzijden lezen van het boek dat ik niet leuk vind. Ik heb het gekocht in Cherating, maar zal het waarschijnlijk hier deels ongelezen weer verkopen. De rustperiode duurde bij mij vandaag een uur of acht. Ik voelde me te zeer verbrand om weer de confrontatie met de zee aan te durven. Wel heb ik het hele strand op en neer gewandeld, waarbij ik weer de drie Britten en de Japanse tegenkwam. Het is een aardig kwartet, maar ze zijn zo aan elkaar gehecht dat ze weinig sympathie tonen voor vreemdelingen zoals ik. Iedere keer als ik ze zie hebben ze zo’n blik in de ogen van “oh, daar heb je hém weer”. Ik voel me een beetje de dorpsgek als ik ze passeer en even een kort praatje met ze maak. Er is sowieso veel kliekjesvorming op het strand hier. ’s Avonds is er meestal wel ergens een kampvuur waar bier en whiskey gedronken kunnen worden, maar echt gezellig is het er niet. Er zitten veel verwilderde types bij die enorm aan elkaar vastklitten. De lol is er snel van af om dat de hele tijd aan te zien.

Lees verder naar zaterdag 3 april.

Nog meer reistips
Filter by
Post Page
Sort by