Dagboek van een wereldreis

Dinsdag 13 februari (dag 101)

Toen ik wakker werd waren alle bedden leeg in mijn slaapzaal. Op de binnenplaats zat ook bijna niemand, behalve een paar Indiërs die in het hotel wonen. Ik denk dat er vandaag een boot gaat naar de Andaman & Nicobar eilanden. Uit de gesprekken die ik de afgelopen dagen heb gevoerd kon ik opmaken dat bijna alle hotelgasten naar deze exotische plek gaan.

Ik heb een kaartje gekocht voor een veel minder exotische en warme plek: Calcutta. Overmorgen vroeg vertrek ik, achtentwintig uur in de trein. Het kopen van dat kaartje duurde niet lang, zodat ik nog volop tijd had om de rest van de dag niets te doen. Op de een of andere manier ben ik de laatste dagen minder spraakzaam. Ik voer weinig conversaties met andere rugzakreizigers, maar eerlijk gezegd zijn het ook mijn types niet. Ze praten over Bangkok, Nepal en Australië, plaatsen waar ik nog nooit ben geweest en waar ik dus niet over mee kan praten.

Bovendien zijn het voornamelijk Engelsen en Engelstaligen, en hoewel ik mijn Engels toch op een redelijk sophisticated niveau acht, blijkt het toch moeilijk me in een algemeen tafelgesprek te mengen. Temeer daar de mensen met een Engelse tongval weinig moeite getroosten die armzalige non-Engelstaligen in hun multilogen te betrekken. Maar ik lees veel om de tijd door te komen. Ik ben nu bezig met Gandhi’s autobiografie, wat toch wel zware kost is.

► Verder lezen naar woensdag 14 februari.