Dagboek van een wereldreis

Zaterdag 13 januari (dag 70)

Ik bevind me weer in het échte India, en niet zo’n klein beetje ook. Het duurde uren voordat het ontbijt werd geserveerd, dus het was behoorlijk stressen om de bus van twaalf uur te halen. Nou, nou, dat was me het ritje wel. Er konden maar 50 mensen in de bus, maar er zaten er naar schatting 200 in. Soms lees je in de krant koppen als “200 doden bij busongeluk in India”. Ik snap nu waarom dat er altijd meteen zoveel zijn. We zaten als een soort sardientjes ingeblikt.

Gelukkig zat naast mij een Engelse boer ingeklemd, dus ik was niet de enige lijdende vreemdeling. Samen konden we klagen over onze lijdensweg. Mijn rugzak moest ik op het dak leggen, maar dat doe ik dus ook nooit meer. Bij aankomst in het dorpje Londa bleek dat m’n rugzak de hele rit er gewoon los op lag! Met de vele bochten in de slechte weg verbaasde me het dat-ie er niet afgedonderd is.

Ik zit nu in het dorpje Londa te wachten op mijn trein naar Bangalore. Het is een haast uitgestorven stoffig dorp waar ik met pijn en moeite nog een “officieel” toilet kon vinden. Ik heb m’n Indiase gastfamilie net op tijd verlaten vandaag, want het water was op. Ik heb me sinds gisterochtend niet meer kunnen wassen en gezien de nacht die ik in de slaaptrein ga spenderen zal het ook niet voor morgenavond zijn eer ik wat water over m’n lichaam kan druppelen. Ik voel me wel vrij goor, maar dat hoort bij het reizen.

► Verder lezen naar zondag 14 januari.