Dagboek van Maleisië

Donderdag 11 maart

Omdat ik in het vliegtuig niet heb geslapen, heb ik vannacht twee slaapsessies achter elkaar afgewerkt. Pas na vijftien uur slapen werd ik wakker, en het was ondertussen al ver in de middag. Kort nadat ik mijn hotel had verlaten begon het weer te stortregenen en te onweren. Dat schijnt hier elke middag rond dezelfde tijd te gebeuren en dat houdt een paar uur aan. ’s Ochtends schijnt de zon, maar dat heb ik nog niet mogen ervaren. Ik heb er in Nederland echter niet aan gedacht om mijn paraplu mee te nemen, dus mijn gewoonte om al lopend een stad te verkennen valt hierbij in het water. Met een taxi dus naar het toeristenkantoor, waar het erg stil en verlaten was. ‘Het is niet het hoogseizoen’, zei de man die me bij de ingang persoonlijk verwelkomde. Hij vuurde meteen tientallen vragen op me af. Waarom ben ik hier? Hoe lang blijf ik? Hoe lang ben ik hier al? Wat ga ik doen? Op de meeste vragen was ik een antwoord schuldig, dus met een dik pakket folders onder mijn arm verliet ik weer het toeristenkantoor. Er was nog geen einde gekomen aan de hoosbuien, waarop ik besloot opnieuw een taxi te pakken richting Chinatown. Gelukkig klaarde het op toen ik uitstapte. Eindelijk kon ik mijn plan verwezenlijken om te voet de sfeer van de stad te proeven. Zoals verwacht kwam ik in dit vroegere economische wonder veel hoogbouw tegen: spiegelende wolkenkrabbers en Disney-achtige luxe hotels. Druk verkeer bestaande uit vele scooters die voortdurend over de vier- of zesbaanswegen razen. Alleen in Chinatown stond nog wat gerenoveerde laagbouw overeind en was het iets rommeliger. Het viel me op dat er af en toe tussen de kantoren en hotels nog stukken jungle te vinden zijn, midden in de stad. Kuala Lumpur is dan ook een vrij jonge stad die vanaf haar ontstaan (150 jaar geleden) midden in het regenwoud is geplant.

Lees verder naar vrijdag 12 maart.

Nog meer reistips
Filter by
Post Page
Sort by