Dagboek van Maleisië

Woensdag 17 maart

Overal is te zien dat Singapore – buiten Japan – het rijkste land van Azië is. Ik liep in en langs enorm grote, airconditioned winkelcentra die de malls in Amerika meer dan kunnen evenaren. Alles werkt en niets is verwaarloosd. Als er een huis wordt gesloopt, wordt er daarna een grasveldje aangelegd en een bordje neergezet met ‘state property’. Op elk kruispunt staan verkeerslichten en geen stoplicht is buiten werking. De Singaporezen steken inderdaad braaf bij de verkeerslichten over, maar willen het rode licht weleens negeren (als de fatsoenspolitie even niet kijkt). Overal wordt druk gebouwd, aan niets is te zien dat de Aziatische economische crisis Singapore parten speelt. In het financiële district is het een drukte van jewelste, vol met blanke Nick Leesons die hun leven hier goed laten welgevallen. Direct naast het zakencentrum is het uitgaanscentrum, met terrasjes en pubs waar jonge, mannelijke speculanten zich elke avond uitleven. Hun vrouwen en kinderen gaan overdag winkelen op Orchard Road, waar alle grote winkelcentra op een rijtje naast elkaar staan. Singapore is ook duur, voor een kopje koffie betaal je meer dan in Nederland. Ik heb me vandaag dus vooral vergapen aan de pracht en praal van Singapore. De hele dag door de stad geslenterd en in de ijskoude winkelcentra artikelen bewonderd die ik waarschijnlijk nooit in m’n leven zal kunnen kopen. Ik heb tussen de westerse beurshandelaren een milkshake gedronken, onder het oog van een spiegelende wolkenkrabber. Ik deed een krampachtige poging om niet uit te glijden als na een tropische regenbui de betegelde, glanzende trottoirs spekglad waren. Ik heb rondgesnuffeld in de grootste boekenwinkel van Azië en ben op jacht gegaan naar een goedkope camera die ik nog steeds niet heb. Als afsluiting van deze dag heb ik een biertje gedronken in de Chinese karaokebar tegenover mijn hotel.

Lees verder naar donderdag 18 maart.

Nog meer reistips
Filter by
Post Page
Sort by