Dagboek van een wereldreis

Zondag 3 december (dag 29)

Ja hoor, ik werd gisteravond exact om kwart over tien gebeld, en de familie Wendel zat inderdaad midden in het Sinterklaasfeest. Ze hadden mijn pakjes ontvangen, wat voor hun als een hele verrassing kwam. Leuk om te horen.

Vanochtend belde ik de ambassade van Bahrein maar weer eens op, en ze wisten nog steeds niet of ik wel of geen visum kan krijgen. Het reisje naar Bahrein via Saudi-Arabië kan ik dus wel vergeten, want ik moest over een week nog maar eens bellen. Tweeënhalve week wachten op antwoord vind ik wel wat lang, dus zodra ik het visum voor India heb vertrek ik naar India. Ik ben wel teleurgesteld dat ze bij de ambassade van Bahrein zo moeilijk doen. Het gooit mijn hele plannetje door de war en bovendien mis ik nu een heleboel brieven die naar poste restante in Saudi-Arabië en Bahrein zijn gestuurd. Ik hoop dat het visum voor India wat sneller gaat, want ik begin me al behoorlijk te vervelen in Amman.

Vandaag heb ik vooral op bankjes in de zon zitten lezen; gezellige terrasjes heb je hier niet. Ik begin me een beetje gevangen te voelen in deze stad, waar sowieso weinig is te beleven. Ik probeerde een bezoek te brengen aan het Museum of Political History, maar dat bleken alleen maar kantoren te zijn. Als je niks te doen hebt ga je vanzelf meer nadenken, over het leven, over het thuisfront en over mislukte liefdes. En dat is precies wat een gevangene in een gevangenis ook doet, dus ben ik ook eigenlijk een gevangene in Amman.

► Verder lezen naar maandag 4 december.